Onderzoek naar onderbesteding OBR

Filter op thema's

Onderbesteding OBR

Op verzoek van de staatssecretaris onderzocht de SVB waarom de overbruggingsuitkering OBR veel minder dan verwacht werd toegekend aan burgers.

Het lagere gebruik van de OBR kan worden verklaard doordat de doelgroep in de praktijk veel kleiner bleek dan bij de raming verondersteld was. Een groot deel van de doelgroep bestond uit 65-jarigen van wie het AOW-pensioen slechts een paar maanden later inging en die het overbruggingsprobleem (gedeeltelijk) zelf hadden opgelost. Daarnaast was er sprake van niet-gebruik.

Extra voorlichting

Om het niet-gebruik van de OBR terug te dringen, is de voorlichting aan potentiële OBR-gerechtigden verbeterd. Zo wordt in de brieven aan klanten uitdrukkelijk vermeld dat de OBR geen lening is. Ook wordt sinds juli 2016 een rappelbrief verzonden.

Het onderzoek naar het niet-gebruik vormde ook de aanleiding om de overbruggingsregeling aan te passen. Sinds 1 oktober 2016 is het mogelijk dat een OBR-uitkering wordt toegekend met terugwerkende kracht van maximaal een jaar, mits de aanvraag voor de AOW-leeftijd is ingediend. Sinds oktober is de OBR aan 127 mensen met terugwerkende kracht (TWK) toegekend.

De SVB in uitvoering

In 2016 is aan 1.523 personen een overbruggingsuitkering uitgekeerd. Dat is een afname ten opzicht van 2015, toen deze uitkering aan 2.380 mensen is verstrekt.

De verwachting is dat, als de periode tussen de 65-jarige leeftijd en de pensioenleeftijd groter wordt, meer klanten een Overbruggingsregeling AOW zullen aanvragen. Om hen goed te informeren is op de website van de SVB een wizard geplaatst waarmee klanten kunnen bepalen of zij recht hebben op deze regeling.